Open staan voor het nieuwe

18 jaar geleden vinden mijn vrouw en ik een heerlijk huis met een grote besloten tuin. Aan de achterkant van de tuin staat een ‘bos’; zo lijkt het als we vanuit het huis de tuin in kijken. Bomen tot 15 meter hoog. Altijd groen. Stilte. Rust. En dat midden in de stad.

Door de jaren is het ‘bos´ uit zijn voegen gegroeid. Bomen gaan om de beurt dood; het is een rommeltje geworden. Maar wel een mooi groen en besloten rommeltje. We, vooral ik, stellen het opruimen van de achtertuin daarom een aantal jaar uit.


Waarom ik toch instem met het leeghalen van de achtertuin? Omdat de zoon van een vriend van ons een tekening maakt hoe de tuin eruit kan zien als we ‘het bos’ gedeeltelijk weghalen. Omdat één van mijn broers zegt: “Ben, dan halen we toch samen de tuin leeg?”

De steun van mijn omgeving geeft voor mij de doorslag; ik durf erop te vertrouwen dat het allemaal goed komt.


Het is zaterdagochtend en een stralende dag. Mijn broers zijn er en een vriend met zoon. Ze hebben grote apparatuur bij zich en gaan meteen aan de slag. Ik hoef alleen maar te zeggen wat de bedoeling is. Heerlijk. Rond de middag blijkt het project groter geworden te zijn dan we hebben bedacht. Bomen waarvan we dachten dat die konden blijven staan blijken zonder buurboom half kaal te zijn. En de rozenboog overleeft de val van een boom niet. En toch, ik geniet ervan. Ik zit in een flow en iedereen heeft lol in het werk.

s’ Avonds vertrekken mijn broers met alle boomstammen en apparatuur. Het lijkt wel een maanlandschap; er ligt een enorme berg met houtsnippers, wortels en zand. Het bos is weg. De weg die achter onze tuin loopt komt ineens bijna ons huis binnen. Weg beslotenheid, weg stilte, weg privacy. De dag erna ben ik in shock. Verwarring neemt  plaats in mij.


Ons tuinontwerp van een beukenhaag en twee bomen is ontoereikend. “Ben, het is gewoon zo” zegt mijn vrouw. “Het vult zich vanzelf weer. Bel Gerard, de hovenier die een ander gedeelte van onze tuin heeft aangelegd”. De volgende avond komt hij om de ‘schade’ te overzien. Hij stroomt over van ideeën: “die grond kun je mooi gebruiken om een verhoging te maken en een terras aan te leggen. Zetten we er een paar eiken palen achter, dan zit je direct meer beschut. Wat wil je met het straatwerk?, een slingerpad zou hier goed passen!  Je zou het hekwerk zwart kunnen maken, dat past veel beter bij het huis”. En dat stuk mos? Zal ik dat ook maar gelijk doorspitten?”. Ik geniet van zijn meedenken en wordt weer rustiger.


We zijn nu 5 weken verder. De achtertuin is in de basis zo goed als af. Mijn aanvankelijke shock heeft plaatsgemaakt voor een blije en opgeruimde Ben. En het resultaat mag er zijn: de contouren en het perspectief van de ruimte laten zich nu al prachtig zien.


Wat ik hieruit meeneem? Ik heb ervaren hoe zeer het vertrouwen, het inzicht en de inzet van anderen helpt om tot iets verrassend en moois te komen en rust te krijgen. Zeker als ik aan iets begin dat zo’n impact heeft op mij. En het mooie is dat ik merk dat ik blij ben met elk idee. Ik weet immers welke ideeën aansluiten en die ideeën neem ik over.

Ben Kosse, verwonderaar