Aandacht erbij

Ben Kosse, verwonderaar. 

Je zit midden in een gesprek als iemand op zijn smartphone kijkt en begint te typen.
Onlangs gebeurde mij zoiets. Als afsluiting van een coachingstraject zijn we met z’n drieën in gesprek: Karel, de leidinggevende, Sandra, die ik de afgelopen maanden heb gecoacht en ikzelf. Terwijl ik mijn eerste vraag aan Sandra stel zie ik in mijn ooghoek Karel op zijn telefoon kijken. Sandra blijft ogenschijnlijk onverstoorbaar antwoorden terwijl Karel begint te typen.


Waar is ieders aandacht? Sandra lijkt volkomen te accepteren dat Karel met iets anders bezig is. Alsof dit de normaalste zaak van de wereld is. Karel is met zijn aandacht bij het  berichtje op zijn telefoon. En ik? Ik verwonder me. Even komt de gedacht in me op “Wellicht is de leidinggevende één van de zeldzame mensen die tegelijk én kan luisteren én met zijn smartphone bezig kan zijn”, maar eerlijk gezegd geloof ik niet dat iemand dat kan.

Ik ben er met mijn volle aandacht bij en laat het bewust gebeuren omdat de situatie zo mooi illustreert waar Sandra in haar werk tegenaan loopt.  


Als ook maar één aanwezige de aandacht bij het gesprek heeft kan het weer een gezamenlijke ontmoeting worden.

Afgeleid worden in een gesprek gebeurt. Mij ook. Regelmatig zelfs. Dat is op zich niet goed of fout. Als je afgeleid bent of wordt verlies je de verbinding met je omgeving. Dan is er geen aandacht voor het samen. En dus is er geen creatie en verdoe je je tijd.

Wat doe jij als jezelf of een ander de aandacht er niet bij lijkt te hebben? Op het moment dat je je hiervan bewust wordt heb je de mogelijkheid om de onderlinge verbinding weer tot stand te brengen. Zodat je samen je weer kunt richten om het doel van de ontmoeting te realiseren.


Hoe het gesprek verder ging?

Karel legt zijn telefoon weg en zegt: “Sorry Sandra, ik was nog even met iets anders bezig. Heb je de vraag van Ben beantwoord?”. Vanaf dat moment luistert hij met volle aandacht naar het verhaal van Sandra. Het wordt een vruchtbaar driegesprek.


Tips

  • Wees je ervan bewust dat samen slechts kan ontstaan tussen die gesprekspartners die met hun aandacht bij het gesprek zijn.
  • Als je merkt dat je afgeleid bent, of dat een ander lijkt afgeleid, benoem dat dan: “Ik was er even met mijn gedachten niet bij. Sorry daarvoor”; “Ik zie dat je op je telefoon bezig bent. Dat leidt me af”; “Ik zie je steeds uit het raam kijken, heb het idee dat je er even niet bij bent, klopt dat?”
  • Zeg vanaf waar je het gesprek niet meer hebt gevolgd. Dan kunnen je gesprekspartners overwegen of en wat ze gaan vertellen zodat je kunt aansluiten.